Japan

Chitose, 17 juni
Het laatste bericht uit Japan. We hadden vandaag onze laatste fietsdag in Japan. We zijn in Chitose, dat ligt vlakbij het vliegveld op Hokkaido. Dan is de taxi zo met de fietsen niet zo duur als vanuit Sapporo. Morgen kunnen we alles weer pakken en dan stappen we dinsdag in het vliegtuig voor de lange vlucht naar Anchorage via Seoul en Seattle. We gaan dan 17 uur terug in de tijd, krijgen er dus bijna een dag bij, helemaal voor niets.
Sapporo was wel een leuke stad. Een heel groen centrum, een mooi universiteitspark. Doet nog wel gezellig aan.
De meeste steden in Japan zijn een beetje saai. Ze zijn niet heel levendig, pas ook wel bij Japan, vrij braaf, niet uitbundig.

Hakodate vonden we leuk. Het heeft een oud district met pakhuizen, hier vormde de handel een belangrijke inkomstenbron. Voor ons is het de plek voor geweldige voor sushi. Fantastische stevige strandschelpen, coquilles, zee-egels en soorten tonijn. Dit was een feestmaal!
Net boven Hakodate zaten weer apen, net als bij Nagano, dit zijn de apen waarvan iedereen de foto's wel kent dat ze met bevroren haren in een hotspring zitten. Wij zien dan wel geen bevroren haren, maar wel de hotspring-apen.

Op 1000 meter hoogte ligt er hier nog volop sneeuw. Als je dan kijkt naar hoe noordelijk we hier zitten, valt het best mee als je dat met Europa vergelijkt. Maar het klimaat is hier echt compleet anders. De wind vanuit Siberie en vanaf de noordpool heeft zeker veel invloed.

Hokkaido vormt ongeveer een vijfde van Japan, maar er woont nog een 5 procent van de Japanners. Wij vinden het een beetje op Montana lijken. Nog verlaterner dan Tohoko. Leuk zijn de badhuizen in vrijwel alle dorpen. 
We rijden wel een mooie route, er zit niet veel onderweg. Onderweg zien we vossen, mooie beesten. 
Ik kende Sapporo van het judo en de olympische spelen. Het is ook een grote stad, de vijfde stad van Japan, heel groen. Wij hebben het hier koud en nat. Het ligt ook tegenover Kamtjastka en Wladiwostok. De wind lijkt ook wel recht van de noordpool te komen. Zo blijft het eigenlijk de hele laatste week in Japan.
Twee dagen in Sapporo gebruiken we om nog wat zaken aanschaffen voor Alaska. We hebben onze thermo-kleding bijvoorbeeld naar huis gestuurd vanuit Taipei.
Ook Otaru bezoeken we nog. Dit is het oude financiele centrum van Hokkaido, de handel hier was erg op Rusland en China gericht. Uit die landen komen nu dan ook de toeristen hier, maar de bouw is bijna Europees, met kanalen en de bouwstijl van rond 1900.

Japanners hebben toch wel hele aparte dingen af en toe, zoals bijvoorbeeld met eten: ze willen uren in de rij staan voor een specifiek restaurant, als iets van Hokkaido komt kost het ineens heel veel geld, voor een doos met koekjes of cake betalen ze rustig 50 euro. Ook lijkt het wel alsof winkel en restaurants pas interessant zijn als ze een Franse of Spaanse naam hebben. Heel apart, want er wordt al amper Engels gesproken, dus waar dat vandaan komt?
Het is een aparte maatschappij en als we al denken dat er bij ons veel regels zijn en er veel gereguleerd is, het kan nog veel erger!

Japan stond al heel lang op mijn verlanglijstje om te bezoeken. Het eindoordeel is dat het een heel erg mooi land is. Het heeft een rijke cultuur, mooie historie (alhoewel die niet heel erg meer leeft), geweldige natuur, vriendelijke mensen. Ze spreken dan wel niet veel Engels, maar ze zijn zeer behulpzaam en ze zijn er altijd op uit om te helpen of een oplossing te zoeken.
Wij vinden het ook een heel makkelijk land om te bereizen. Heel schoon. Maar we vinden het ook saai, overal zijn regels voor. Alles moet wel helemaal binnen kaders. Het is zeker niet avontuurlijk, maar we hebben hier een paar mooie maanden gehad. En ja, ik zou ik zeker naartoe terug willen. Shikoku en de Alpen zijn fantastisch om te fietsen. En Kyushu zijn we nu niet geweest.

Van te voren had ik je gezegd: de Japanse keuken: fantastisch! Nu na bijna drie maanden zeg ik: saai! Weinig variatie. Ja, een goede sushi is echt een keer lekker en een goede ramen ook, maar elke dag? 
Nu naar de volgende bestemming. En we gaan er niet vanuit dat dat het culinaire hoogtepunt van onze reis wordt 😊.
 
Hokadate, 7 juni 
Hokkaido, here we come............ We zitten nu op de ferry van Aomori naar Hokadata. De ferry naar het noordelijke eiland van Japan. De laatste paar fietsdagen waren vooral door groene heuvels en langs meren. Dit noordelijke deel, Tohoko, is niet het rijkste deel van Japan. Er is veel vervallen, veel leegstand. De vergrijzing in Japan is ook groot. Er worden amper meer kinderen geboren. En jongeren trekken naar de grote steden of in ieder geval naar plekken waar werk is. En in Tohoko is dat vooral toch akkerbouw, vele rijstvelden.
Het laatste bericht is al van even terug. We zijn in Nagano terecht gekomen. Daar zaten we in een erg simpel guesthouse, maar de eigenaar was erg vriendelijk. We werden meegenomen naar een vismarkt. Erg leuk om te zien, ook erg lekkere vis. Ze hadden er trouwens ook walvis, ondanks dat dat verboden schijnt te zijn. Maar we zijn later in Niigate ook een restaurant tegen gekomen dat zich specialiseerde in walvis.
De eigenaar nam ons ook mee naar zijn favoriete restaurant voor soba-noedels (noedels van boekweit). Smaakte daar erg goed. En in Nagano, dat ik eigenlijk alleen van de naam en Olympische Spelen kende, staat ook een erg mooie tempel. Eens in de 7 jaar wordt daar een buddha onthuld, niet dit jaar, en dat trekt dat miljoenen mensen.
En via de Torii-pas en de Konsei-pas zijn we naar Nikko gereden. De passen volgen elkaar snel op. Fietsconditie is hier wel prettig om te hebben, want het blijft redelijk op en neer gaan. Ook hier was er al veel vergane glorie onderweg. Zeker oude plaatsjes met onsen (hotspring-baden) doen zeer vervallen aan.
Ik mag zeker niet in alle onsen. Op heel veel plekken willen ze daar geen mensen met tattoo toelaten. Een tattoo staat in Japan nog steeds voor de Yakuza (maffia) en vroegen kregen criminelen een tattoo om ze levenslang te markeren. De associatie die de Japanners met tattoo's hebben is dus wat anders. En dat verandert maar heel langzaam. Maar er zijn er wel waar ik ook in mag, zoals in Kinugawa, deze lag mooi langs een rivier. En we hadden een gelukje, het bad in het hotel deed het niet goed en toen kregen we de overnachting voor niets. Erg aardig.
In Nikko hebben we de Toshogu shrine bezocht. Deze was heel anders dan overige tempels, een hele andere bouwstijl. De shrine trekt ook erg veel bezoekers. Dit is een druk gebied, het ligt ook niet al te ver van Tokyo. Het Is ook belangrijke world heritage site.
En vanuit Nikko zijn we een stuk om hoog gereden, naar de westkust om daar een stuk langs de kust te rijden. En toen via de Tawaza en Tomada meren omhoog.
Wat ik al zei, veel minder verkeer, mensen en bebouwing in dit gebied. Veel heuvels en laaggebergte, veel kikkers en slangen. 
Veel mooie rivieren, die vormen goede plekken om te kamperen. Mooi een douche in de rivier om daarna daar de tent op te zetten. We hebben ook wel eens in parken gekampeerd, af en toe ook op een camping. Maar de plekken langs de rivieren vinden we vaak het mooist. Een nadeel van kamperen is hier, dat het al om 4 uur licht wordt, in de tent dan dus ook. Bovendien zijn de Japanners ook echt ochtend mensen en vaak genoeg horen we dan om 5 uur al joggers of vissers bezig.
Nu dus op weg naar Hokkaido, daar blijven we nog twee weken en dan vliegen we naar onze volgende bestemming. We gaan op een ander continent verder fietsen: we vliegen naar Alaska en vanuit Anchorage gaan we dan Alaska door richting Canada en dan de westkust van de VS. We gaan nog wat kilometers toevoegen aan de 16 duizend die er nu op de teller staan.
Groetjes!
 
Nagano, 19 mei
We zijn al weer even onderweg in Japan. We zitten nu in Nagano, een plaats die ik alleen van de olympische spelen kende. De grootste tegenvaller in Japan: passen die half mei nog steeds gesloten zijn. We rijden in de Japanse Alpen en we hebben al een paar keer voor een afgesloten weg gestaan. Gelukkig ging de Norikura Skyline, de hoogste weg in de Alpen, de 15de mei open. We hebben daar direct gebruik van gemaakt en zijn de 15de omhoog gereden naar 2700 meter. Je hebt daar geweldig uitzicht over de Alpen. We konden de pas niet over en als fietsers mogen we niet door de tunnel, dus moesten dezelfde weg terug, maar het was absoluut de moeite waard!
Na Kyoto hebben we nog veel moois gezien: het oude dorp Shiharawagou met zijn huizen met dikke rieten daken. Dat was ook de eerste fietsdag dat we weer sneeuwbergen zagen en het hadden daar onze mooiste kampeerplek tot nu toe: bergen in de achtergrond, een mooie rivier voor de tent, midden in een Unesco-site. Mooie oude dorpen, zoals Narai, dat ligt op de Nakashendo route, een oude handelsroute die al in de Edo-periode is aangelegd. Het zwarte kasteel van Matsomoto. Er is hier nog heel wat geschiedenis en historie te vinden. 
Ook qua natuur blijft het mooi. De alpen zijn nu heel groen, het voorjaar is begonnen. Hier staan nog genoeg kersenbloesems, maar ook veel andere bloemen, in bloei. Het ruikt er lekker naar sparrenhout. En we moeten uitkijken voor beren en slangen, laatste hebben we wel gezien.
Mooiste tempel die we tot nu toe gezien hebben was die in Kyoto: de Fushimi Inara Thaisa, een tempel met ruim 1000 vermiljoen gekleurde poorten, erg indrukwekkend.
In Kyoto hebben we ook onze eerste nachten op een tatami doorgebracht, ik kan wel zeggen dat dat in ieder geval comfortabeler is dan mijn luchtbedje. We zaten daar in een apartementje. We wisten het al wel, maar Japanners zijn echt kunstenaars met kleine ruimten. Alles zit in zo'n ruimte: douche, bad, toilet, kookdeel. Alles klopt en alles werkt in een hele kleine ruimte.
We hebben ook onze eerste onsen bezocht: een hotspringbad. Heerlijk buiten in een natuurlijke hotspring in een mooi aangelegde tuin. Voelde heel erg luxe.
Nog wat dingen die hier opvallen. In elke plaats vind je automatenhallen: van grijpmachines tot gokautomaten. Echt overal. Ze zijn ook gek op voor ons hele kinderachtige figuren, zoals hello kitty. En ze zijn uitvinders van grappige kleine, handige dingen. Zoals de kleine jamverpakkingen, die knijp je dubbel en dan komt de jam er handig uit.
Wat ook apart is, is dat er amper vuilnisbakken in de openbare ruimte staan. Mensen nemen hun afval gewoon mee naar huis (of ze gooien het weg bij een convenience-store). Ze gebruiken wel weer heel erg veel plastic verpakkingen. Wel grappig om al die verschillen zo per land te zien.
We hebben net de belangrijkste tempel van Nagano bezoeken: de Shenko-ji. Hier komen eens in de 7 jaar zo'n 5 miljoen mensen op af, als er een grote buddha wordt getoond. Gelukkig was dat nu niet het geval. We gaan morgen richting Nikko en verder naar Sapporo.
Tot horens!
 
Kobe, 2 mei 
Wij vinden Japan heel prettig. Mooie natuur, mooie tempels, zeer vriendelijke mensen. Heel schoon, respect voor elkaar, respect voor de natuur. En vooral ook erg mooi om te fietsen. Ja, er zijn hele drukke gebieden die minder fijn zijn om te fietsen, maar er zijn ook hele mooie rustige wegen te vinden.
Vanuit Nara zijn we eerst naar het zuiden gegaan. Yoshino staat bekent om zijn kersenbloesem. We zijn daar toch nog even heen gereden via hele kleine weggetjes. Werd ik nog aangereden door een mevrouw die niet voor een stopstreep stopte. Gelukkig alleen de tas beschadigd.
Daarna zijn we naar Wakayama gereden om daar de ferry te nemen naar Shikoku. Fietsers mogen bijna over geen enkele brug, die moeten de ferry nemen.
Je kunt ook geen dag fietsen zonder door tunnels te rijden. Ze zijn er hier gek op.
Shikoku is voor mij het eiland van de blauwe regen. Deze struik staat daar overal in bloei. Af en toe zo groot als bomen. Shikoku is ook het eiland van de tempels en de tempel-pelgrimage. Er lopen dus vele 'henro's'. Zij lopen langs alle 88 tempels, een soort Santiago de Compostella. Deze pelgrims lopen met een stok, een hoed en een wit gewaad en zijn dus makkelijk te herkennen. Wij hoefden niet langs alle tempels, dus we hebben een andere route genomen.
Via een mooie kloof bij Oboke en Koboke, langs een fantastische kust, mooi langs de Shimanto-rivier. Ja, Shikoku is een mooi eiland om te fietsen. En als hoogtepunt loopt daar de meest populaire fietstocht van Japan: de Shimano Kaido. Dit is een tocht over eilanden die door bruggen aan elkaar worden verbonden. 80 kilometer lang over 7 bruggen, spectaculair uitzicht over de zee en de eilanden.
Langs de kust op Shikoku zwemmen ook walvissen, helaas niet gezien, wel dolfijnen.
Ook het eiland Shomoshido is erg mooi. We hadden daar niet onze meest gelukkige fietsdag: sleutel van kabelslot brak af, stonden onze fietsen mooi aan elkaar. Uiteindelijk slot door moeten zagen. Willen we vertrekken, staat mijn band plat. En dan nemen we ook nog een verkeerde afslag en we wilden een ferry halen...........Dat was nog even hard fietsen.
Maar die omweg was gelukkig wel mooi :-). We namen de ferry naar Himeji. Daar zijn we naar het kasteel geweest: enige kasteel met vijf lagen in Japan en er lag een grote tuin en een gracht om het kasteel. Dat maakt het dan toch wel heel echt.
Toch vond ik het kasteeltje in Uwajima, klein, van hout, zeker zo leuk.
Daarna rijden we een groot stedelijk gebied in: het Kansai-gebied met Osaka, Kyoto en Kobe. Een gebied dat half zo groot is als Nederland, maar waar ruim 20 miljoen mensen wonen. Die gebieden zijn wat minder leuk om te fietsen, maar er zijn wel mooie dingen te zien. We zijn nu dan ook even in Kobe, onze eerste echt grote Japanse stad. Hier zien we ook voor het eerst de vele hoogbouw. Toch hier ook mooie tempels, De Ikuta-tempel is indrukwekkend. Ze vormen altijd echt een oase van rust, want er ligt vrijwel altijd een park of tuin omheen. Ook de tempels zelf stralen een soort van rust uit.
Dat doet Japan voor mij helemaal. Het is rustig, zelfs het verkeer, mensen zijn kalm en relaxed (of beheersd). Ik vind het in ieder geval erg prettig.
In Kobe is ook een wijk van de oude Europese handelaren, grappig om hier dan ineens een typisch Duits pand te zien. En het ziet er allemaal goed uit, alles wordt goed onderhouden. Het respect voor elkaar uit zich ook in het respect voor het verleden en alles wordt goed onderhouden, zo ook deze oude wijk. En in Kobe is er natuurlijk het 'Kobe'-beef. Het ultieme rundvlees. We hebben het nog niet geprobeerd, we vinden het nogal duur en denken niet dat we dat verschil gaan proeven. Dan liever nog een keer een goede portie sushi.
Morgen rijden we naar Kyoto en vanaf daar gaan we verder omhoog via het grootste zoetwatermeer van Japan. Eerst nog even langs Gifa, want daar zit een flagstore van het favoriete brillenmerk van Jasper. Daar moet hij natuurlijk wel even kijken. En dan de Japanse Alpen in.
We kamperen trouwens veel hier. Niet in de steden, dat vind ik niet prettig, maar daar buiten zijn genoeg plekken te vinden. We hebben op het strand gekampeerd, maar ook in een rozenpark. Alleen in Onomichi naast het sportpark werden we om 5 uur 's ochtends gewekt door de opzichter: het was niet de bedoeling dat we daar kampeerden, opzouten dus.
Zoals ik al zei, vinden we de mensen heel vriendelijk. Ze zijn relaxed en rustig, spreken lang niet overal goed Engels, maar zijn wel heel behulpzaam. Een keertje kwam een mevrouw een zak peultjes uit eigen tuin brengen, bij de fietsenwinkel kregen we een binnenband mee, allemaal van daar soort dingen, heel aardig!
En het is heerlijk schoon, zelfs de openbare toiletten zijn over het algemeen gewoon schoon. Is maar een detail, maar wel prettig.
We gaan morgen weer verder. Sayonara!

Nara, 15 april
Konichiwa, hier onze eerste bevinden uit het land van de rijzende zon. We kwamen tegen de avond aan op Kansai. Alles liep makkelijk, bagage stond al klaar. Mobiele router opgehaald en een taxi in, In Izumosano hadden we een appartementje. Netjes, opgeruimd. En zo was ook de indruk van de eerste dag: netjes, braaf, schoon, georganiseerd, rustig, opgeruimd. Ik vind het erg prettig overkomen. We zijn een dagje langer in Izumosano gebleven, want we moesten nog wat kampeerdingen regelen en ook in de supermarkt was het even wennen. Heel veel onbekende producten (en er staat weinig tot geen Engels op de verpakkingen) en ook de prijzen waren even wennen.
Prijzen zijn over het algemeen net wat lager dan in Nederland met wat rare uitschieters voor bijvoorbeeld fruit. Je hebt hier meloenen van 30 euro. Denk niet dat we dus veel meloenen gaan eten. Maar 4 bananen zijn een euro. Als je een beetje uitkijkt, hoef je hier echt geen hoofdprijzen te betalen.
Onze eerste fietsdag is naar Nara. Veel door bebouwing. Alles netjes, opgeruimd en schoon. Bijna saai. Iedereen staat ook lang voor een rood stoplicht te wachten, zijn wij even niet meer gewend. Wat wel prettig is, er is veel minder lawaai en kabaal op straat.
We rijden via Horyu ji, de oudste tempel van Japan, erg mooi. De tempel is ruim 1300 jaar oud. Het is ook de oudste houten tempel ter wereld. Historisch gezien voor Japan dus erg belangrijk. Wij vonden hem erg mooi, mooie boeddha's, mooi houtwerk. We hadden erg ook een dame die ons gidste, haar Engels was niet fantastisch, maar wel leuk om iets uitleg te hebben.
Toen door naar Nara. Daar slapen we in een 'adults-only' hotel, oftewel een 'love'hotel. Deze hotels zijn over het algemeen gunstig geprijsd op weekdagen. Je krijgt dan ook een hele ruime kamer. Hebben wij dus ook: een kamer met muziekinstallatie, jacuzzi, massagestoel, gokautomaat, condoomautomaat en nog meer faciliteiten. Je hoeft eigenlijk niet naar buiten als je hier verblijft. Dat doen wij wel, want we rijden naar Nara.
Nara is een vroegere hoofdstad van Japan. Er ligt een gebied met allemaal tempels. Geweldig! Deze tempels lijken heel simpel en sober, maar alles klopt gewoon. In vergelijking met de Chinese tempels zijn ze bijna saai.
We hebben de grootste bronzen boeddha van Japan bezocht, de Daibutsu, uit de Edo-periode. De staat in de Todai-ji, daarnaast staat de Kofuku-ji (een ji is een boeddhistische tempel) met de op een na grootste pagoda van Japan, eentje van vijf lagen. En dan is er ook nog de Kasuga Thaisa, een shinto 'shrine'. Daar was net een traditionele trouwceremonie aan de gang, mooi om te zien. Je ziet af en toe ook nog vrouwen en mannen in kimono lopen.
Er staat ook nog genoeg kersenbloesem in bloei. Het hoogtepunt viel dit jaar al begin april, omdat het in maart al warm was, maar toch zien we het nog genoeg.
Er lopen in het park van Nara veel herten. Wij vinden het vieze, dikke en podderige beesten, maar de Japanners buigen voor ze. Vroeger zijn die tot boodschapper van de goden benoemd en zijn nu heilig verklaard en worden vereerd en vet gemest met koekjes.
In de oude wijk Naramachi staan nog veel traditionele huizen. En we bezoeken nog een traditionele tuin. In Nara is al genoeg te doen.
Vanuit Nara starten we met fietsen naar het zuidelijke deel van Kansai. Dan gaan we oversteken naar Shikoku, het tempel-eiland en vanaf daar gaan we naar Hiroshima en verder naar het noorden.
Nog even een stukje over het eten. In de supermarkt zien we al van alles dat we niet thuis kunnen brengen. Ze hebben hier aparte smaken, aparte substanties. We hebben nog geen vieze dingen gegeten ofzo, maar wel ondefinieerbaar met aparte smaken. Over een paar weken weten we er vast meer van.